1. Taal: Dit omvat woordenschat, syntaxis, grammatica, zinsstructuur en het gebruik van figuurlijk taalgebruik zoals metaforen, vergelijkingen en beelden.
2. Structuur: Dit verwijst naar de organisatie van de tekst, inclusief de indeling van paragrafen, hoofdstukken, scènes en de algehele verhaalstructuur.
3. Toon: Dit verwijst naar de houding van de schrijver ten opzichte van het onderwerp en het publiek. Het wordt overgebracht via woordkeuze, zinsstructuur en andere elementen.
4. Ritme en klank: In poëzie omvat stijl vaak het doelbewuste gebruik van ritme, rijm en klankelementen zoals alliteratie en assonantie.
5. Standpunt: Het perspectief van waaruit het verhaal wordt verteld, of het nu in de eerste persoon, de derde persoon of alwetend is, speelt ook een rol in de stijl.
6. Genre en conventie: Elk genre heeft zijn eigen conventies en verwachtingen, die de stijl van de tekst beïnvloeden.
In praktische kritiek is het analyseren van stijl cruciaal omdat het ons in staat stelt om:
* Begrijp de bedoeling van de schrijver: Door de stilistische keuzes te onderzoeken, kunnen we het doel en de boodschap van de auteur ontcijferen.
* Identificeer het unieke karakter van de tekst: Stijl helpt de ene tekst van de andere te onderscheiden, waardoor deze een duidelijke stem en persoonlijkheid krijgt.
* Waardeer de kunstzinnigheid van de tekst: Stijl onthult de vaardigheid van de auteur in het manipuleren van taal en structuur om een bepaald esthetisch effect te creëren.
* Ga op een dieper niveau in op de tekst: Door de stijl te begrijpen, kunnen we subtiele betekenissen, interpretaties en thema’s ontdekken die anders misschien gemist zouden worden.
Onthoud: Stijl gaat niet alleen over de oppervlakkige aspecten van een tekst. Het is een complex en verweven systeem van keuzes die bijdragen aan de algehele betekenis en impact van het schrijven.