Hier ziet u hoe hij het gebruikte:
* Speelse contrasten: Hij gebruikte vaak gladde, gepolijste oppervlakken voor alledaagse voorwerpen zoals voedsel, kleding en meubels, door ze te combineren met ruwe, gestructureerde materialen zoals jute, canvas en zelfs zachte, pluche stoffen.
* Verbeterd realisme: De texturen die hij gebruikte zijn zorgvuldig gekozen om de texturen uit het echte leven na te bootsen van de objecten die hij vertegenwoordigde, wat bijdroeg aan de illusie en de alledaagse aard van zijn onderwerpen benadrukte.
* Nadruk op vorm: Het gebruik van textuur hielp de vorm te benadrukken van de objecten, waardoor de aandacht wordt gevestigd op hun fysieke kwaliteiten en een gevoel van tactiele ervaring voor de kijker ontstaat.
* Ondermijning van schaal: Oldenburgs werken bevatten vaak grote sculpturen , en de texturen die hij gebruikte droegen bij aan het gevoel van speelsheid en surrealisme door het bekende te overdrijven en het vreemd te maken .
In wezen ging Claes Oldenburgs gebruik van textuur niet alleen over esthetiek, maar ook over het overbrengen van een boodschap, het creëren van een gevoel voor humor en het uitnodigen van de kijker om op een tactiele en speelse manier met zijn werk om te gaan.