1. Realistische weergave van het dagelijks leven: De stillevens van Chardin waren niet groots of extravagant. Ze beeldden gewone voorwerpen af, zoals voedsel, gebruiksvoorwerpen en meubels, en legden de alledaagse details van het dagelijks leven vast. Dit resoneerde met Diderots geloof in de waarde van alledaagse ervaringen en het belang van het observeren van de wereld om ons heen.
2. Eenvoud en duidelijkheid: De composities van Chardin werden gekenmerkt door hun eenvoud en helderheid. Hij gebruikte een beperkt palet en concentreerde zich op het vastleggen van de texturen, vormen en belichting van zijn onderwerpen. Deze eenvoud deed een beroep op Diderots waardering voor orde en rede.
3. Morele en filosofische diepgang: Diderot zag in de schilderijen van Chardin meer dan alleen objecten. Hij geloofde dat Chardins werk een dieper inzicht bood in de menselijke conditie. De eenvoudige objecten, zo betoogde hij, weerspiegelden de ‘orde’ en ‘harmonie’ die in het universum aanwezig zijn, wat suggereert dat er zelfs in het gewone een gevoel van schoonheid en betekenis bestond.
4. Artistiek vakmanschap: Ook Diderot was diep onder de indruk van Chardins meesterlijke techniek. Hij prees de nauwgezette aandacht voor detail van de schilder, de subtiliteit van zijn penseelvoering en de manier waarop hij licht en schaduw vastlegde.
5. Met nadruk op het ‘natuurlijke’ en het ‘eenvoudige’: Diderots geschriften over Chardin maakten deel uit van een groter filosofisch discours dat het ‘natuurlijke’ en ‘eenvoudige’ verdedigde boven het sierlijke en kunstmatige. De schilderijen van Chardin, met hun focus op alledaagse voorwerpen en hun eenvoudige schoonheid, belichaamden dit ideaal perfect.
Samenvattend bewonderde Diderot de stillevens van Chardin vanwege hun realisme, eenvoud, morele en filosofische diepgang, artistiek vakmanschap en afstemming op de waarden van natuurlijkheid en eenvoud van de Verlichting.