1. De dualiteit van de menselijke natuur: Augustinus benadrukte de inherente spanning tussen lichaam en ziel, het aardse en het goddelijke. Hij geloofde dat mensen zowel fysieke wezens zijn die onderhevig zijn aan zonde als spirituele wezens die in staat zijn tot genade en liefde. Deze dualiteit maakte het begrijpen van de menselijke natuur tot een uitdagende en veelzijdige onderneming.
2. Vrije wil en zonde: Augustinus worstelde met het concept van de vrije wil en erkende de rol ervan in zowel het goede als het kwade. Mensen waren in staat om voor God te kiezen, maar ook om in zonde te vervallen. Deze vrijheid en de inherente kwetsbaarheid ervan creëerden een paradox in het hart van de menselijke ervaring.
3. De val van de mens: Augustinus geloofde dat de oorspronkelijke staat van genade van de mensheid door de zondeval verloren was gegaan, waardoor een diepgewortelde corruptie ontstond die het begrijpen van onze ware aard nog moeilijker maakte. Het concept van de erfzonde voegde nog een laag mysterie toe aan het menselijk bestaan.
4. De aard van genade: Augustinus onderzocht de relatie tussen de menselijke natuur en goddelijke genade, met het argument dat mensen fundamenteel niet in staat waren verlossing te bereiken zonder tussenkomst van God. Hij zag genade als een mysterie, een onverdiende gave die het gebrekkige menselijke hart transformeerde.
5. De onbekende toekomst: Augustinus benadrukte de onzekerheid van het leven en de mysteries rond de dood en het hiernamaals. De onbekende aard van wat er na de dood komt, draagt bij aan het mysterie van het menselijk bestaan.
Conclusie:
Hoewel de mens niet expliciet een ‘groot mysterie’ werd genoemd, onderzochten Augustinus’ geschriften uitgebreid de complexiteiten en paradoxen die inherent zijn aan de menselijke natuur. De dualiteit van lichaam en ziel, de strijd tussen vrije wil en zonde, de val uit de genade, het mysterie van goddelijke genade en de onbekende toekomst droegen allemaal bij aan zijn begrip van het menselijk bestaan als een diepgaand en uitdagend mysterie.