De eerste reactie van de verteller is er een van ongeloof en zelfs humor, maar dit komt door de absurditeit van de situatie:een man die een gerespecteerd lid van de gemeenschap is, en een man van de wetenschap, die gelooft in een mystiek ‘beest’ met een griezelig vermogen om mensen te markeren met zijn aanwezigheid. Naarmate Strickland echter zijn bewijsmateriaal presenteert en de situatie ernstiger wordt, accepteert de verteller snel de realiteit van de situatie. Hij neemt zelfs deel aan het onderzoek en helpt Strickland bij het vinden van het 'beest'.
Het aanvankelijke scepticisme van de verteller is bedoeld om de spanning te vergroten en het contrast te vergroten met het groeiende bewijsmateriaal dat tot de onthulling van de waarheid leidt. De uiteindelijke aanvaarding door de verteller van de theorie van Strickland is een bewijs van de kracht van het bewijsmateriaal en de vreemde gang van zaken die zich ontvouwen.
Daarom doet de verteller niet alsof hij Strickland niet gelooft. In plaats daarvan omarmt hij de realiteit van de situatie zoals deze zich ontvouwt, waardoor hij een cruciale deelnemer aan het onderzoek is.