1. Walt versus zichzelf:
* Zijn verleden: Walt wordt achtervolgd door zijn verleden in de Koreaanse oorlog en zijn starre overtuigingen, die voortkomen uit zijn ervaringen en de waarden van zijn generatie. Hij is diep in conflict over zijn daden uit het verleden en de gevolgen daarvan, en deze interne strijd voedt zijn cynisme en woede.
* Zijn veranderende waarden: Walts ontmoetingen met zijn buren, vooral de familie Hmong, dagen zijn racistische en xenofobe vooroordelen uit. Hij worstelt met zijn eigen hypocrisie terwijl hij merkt dat hij hen verdedigt tegen bendes en steeds meer van hun cultuur gaat houden.
* Zijn morele kompas: Ondanks zijn tekortkomingen beschikt Walt over een sterk rechtvaardigheidsgevoel en een verlangen om te beschermen wat hij als goed beschouwt. Dit conflict ontstaat wanneer hij merkt dat hij moet kiezen tussen zijn eigen comfort en opkomen voor datgene waarin hij gelooft, wat hem er uiteindelijk toe brengt een standpunt in te nemen tegen de bende.
2. Walt versus zijn familie:
* Zijn kinderen: Walt is vervreemd van zijn volwassen kinderen, die een generatie vertegenwoordigen die hij als zwak en gerechtigd beschouwt. Hij botst met hen over hun gebrek aan ambitie, hun afhankelijkheid van aalmoezen en hun moderne, liberale waarden.
* Zijn kleinkinderen: Walt accepteert zijn kleinkinderen meer, maar heeft nog steeds moeite om hun generatie en hun wereld te begrijpen. Hij vindt troost in de belangstelling van zijn kleinzoon voor zijn verhalen over de Koreaanse oorlog, maar voelt ook de groeiende afstand tussen hen naarmate ze ouder worden.
3. Walt versus zijn gemeenschap:
* De Hmong-familie: Aanvankelijk vijandig tegenover zijn buren vanwege hun culturele verschillen, breken Walts interacties met de familie Hmong, met name Thao, langzaam zijn vooroordelen af. Hij voelt zich aangetrokken tot hun sterke arbeidsethos en hun strijd tegen racisme.
* De bende: De buurtbende vertegenwoordigt het geweld en het gebrek aan respect waar Walt bang voor is, en hij wordt om verschillende redenen hun doelwit:zijn waargenomen rijkdom, zijn norse uiterlijk en zijn afkeuring over hun activiteiten. Zijn conflict met hen duwt hem naar de rand, waardoor hij gedwongen wordt zijn eigen vooroordelen onder ogen te zien en een moeilijke keuze te maken.
* De veranderende buurt: Walt verzet zich tegen de veranderende demografie van zijn buurt, klampt zich vast aan het verleden en is bang voor de erosie van de ‘American way’. Hij is niet bereid diversiteit te omarmen en worstelt met het verlies van de homogeniteit van zijn gemeenschap.
4. Walt versus de samenleving:
* Racisme en vooroordelen: Het centrale thema van de film is Walts strijd tegen zijn eigen vooroordelen. Hij wordt geconfronteerd met de gevolgen van zijn diepgewortelde racisme, zowel in zijn persoonlijke interacties als in de bredere maatschappelijke context. Hij daagt de stereotypen uit die tegen minderheden in stand worden gehouden en ontdekt de kracht van begrip en acceptatie.
* Het verlies van traditionele waarden: Walt vertegenwoordigt een generatie die zich ontheemd en gedesillusioneerd voelt door maatschappelijke veranderingen. Hij botst met de moderne wereld en beschouwt deze als zwak en moreel corrupt. Zijn conflict weerspiegelt de bredere kloof tussen generaties en de strijd om traditie met vooruitgang te verzoenen.
Uiteindelijk zijn de conflicten in Gran Torino met elkaar verbonden en drijven Walt naar een moeilijke maar betekenisvolle transformatie. Hij confronteert zijn verleden, daagt zijn vooroordelen uit en vindt uiteindelijk verlossing door op te komen voor datgene waarin hij gelooft, zelfs ten koste van zijn eigen leven.