Hier zijn enkele specifieke voorbeelden van Brahms' gebruik van conventionele vormen en technieken:
1. Sonatevorm :Brahms gebruikte vaak de sonatevorm in zijn bewegingen, vooral in zijn sonates, symfonieën en kamermuziek. De sonatevorm bestaat uit een expositie, ontwikkeling en recapitulatie, waarbij contrasterende thema's overal worden gepresenteerd en ontwikkeld.
2. Symfonie :Brahms componeerde vier symfonieën, elk volgens de traditionele structuur van vier delen:een openingsallegro, een langzamer deel (vaak in sonatevorm), een scherzo of intermezzo, en een slotfinale.
3. Concert :Brahms schreef concerten voor verschillende instrumenten, waaronder piano, viool en cello. Zijn concerten volgen doorgaans de traditionele driedelige structuur met een snel openingsdeel, een langzaam en expressief middendeel en een levendig slotdeel.
4. Variaties :Brahms hield ervan variaties op thema's te schrijven, waarbij hij vaak bestaande melodieën of volksmelodieën als basis voor zijn variaties gebruikte. Hij onderzocht verschillende aspecten van het thema door middel van harmonische, melodische en ritmische transformaties.
5. Koralen en contrapunt :De muziek van Brahms bevat vaak elementen van koralen en contrapunt, wat zijn bewondering voor de barok en zijn uitgebreide studie van J.S. Bachs werken. Hij gebruikte contrapunt om ingewikkelde en rijke texturen in zijn composities te creëren.
Door gebruik te maken van traditionele vormen en technieken en deze te transformeren, creëerde Brahms zijn eigen unieke muziekstijl. Hij combineerde klassieke structuren met romantische expressie, wat resulteerde in muziek die zowel formeel coherent als emotioneel resonerend is. Zijn aanpak droeg bij aan zijn reputatie als conservatieve componist, maar toch iemand die het verleden op meesterlijke wijze herinterpreteerde voor een nieuwe generatie.