1. Naïviteit en gebrek aan begrip: Bruno is negen jaar oud en zijn wereld is erg klein. Hij mist het vermogen om de complexe realiteit van oorlog, vooroordelen en de Holocaust te begrijpen. Hij beschouwt de 'boerderij' aan de overkant van het hek als een plek waar zijn nieuwe vriend, Shmuel, woont, zonder de ware aard van het concentratiekamp te begrijpen.
2. Egocentrisme en gebrek aan empathie: Bruno's acties worden vaak gedreven door zijn eigen verlangens en behoeften. Hij is boos omdat hij Berlijn moet verlaten en begrijpt de ernst van de situatie van zijn gezin niet volledig. Hij houdt geen rekening met het lijden van anderen, vooral Shmuel, en zijn daden zijn uiteindelijk schadelijk.
3. Gebrek aan verantwoordelijkheid: Bruno's acties, zoals het kamp betreden en kleding uitwisselen met Shmuel, zijn impulsief en roekeloos. Hij houdt geen rekening met de gevolgen van zijn daden en begrijpt niet in welk gevaar hij zichzelf en Shmuel brengt.
4. Beperkt perspectief: Bruno's begrip van de wereld wordt beperkt door zijn leeftijd en opvoeding. Hij ziet de dingen in zwart-wit, goed en slecht, met weinig ruimte voor complexiteit of nuance. Dit weerhoudt hem ervan de morele implicaties van zijn daden werkelijk te begrijpen.
5. Angst voor het onbekende: Bruno's onvolwassenheid komt ook tot uiting in zijn angst voor het onbekende. Hij is bang voor de "boerderij" en praat er liever niet met zijn ouders over. Hij wil de realiteit van de situatie niet erkennen en vlucht in zijn kinderlijke fantasieën.
Bruno's onvolwassenheid is cruciaal voor de impact van het verhaal. Het benadrukt de onschuld die verloren is gegaan in oorlogstijd en de tragische gevolgen van onwetendheid. Bruno's acties, ook al zijn ze goed bedoeld, worden uiteindelijk gedreven door zijn beperkte begrip en zorgen voor een verwoestende uitkomst. De lezer wordt achtergelaten om te worstelen met de gevolgen van zijn keuzes en de complexiteit van de situatie.