Voetenwerk: Bij breakdance zijn verschillende ingewikkelde voetenwerkpatronen en -technieken betrokken, waaronder spins, sprongen, trappen en ingewikkelde stappen.
Krachtbewegingen: Dit zijn acrobatische en dynamische bewegingen die enorme kracht en flexibiliteit vereisen, zoals headspins, salto's en windmolens.
Vloerwerk: Dit onderdeel van breakdance richt zich op bewegingen die op de grond worden uitgevoerd, vaak met vloeiende en continue lichaamsbewegingen.
Flare en bevriest: Fakkels zijn snelle en stijlvolle houdingen, terwijl bevriezingen vasthouden of pauzes zijn die evenwicht en controle uitstralen.
Creativiteit en individualiteit: Met breakdance kunnen dansers hun eigen unieke stijl en creativiteit uiten, waarbij elke danser zijn eigen kenmerkende bewegingen en variaties ontwikkelt.
Strijd- of cijfercultuur: Breakdance vindt vaak plaats in gevechten of ciphers, waarbij dansers competitieve en improvisatieroutines uitvoeren in een cirkelvormige formatie van toeschouwers.
Muzikaliteit: Breakdancing is nauw verbonden met het ritme en de beats van de muziek, waarbij dansers hun bewegingen synchroon met de muzikale stroom laten zien.
Stijl: Breakdancing kent verschillende stijlen, waaronder B-boying (de originele stijl), popping, lock- en hiphopdans, elk met zijn unieke kenmerken en technieken.