Je zou echter kunnen stellen dat er in bepaalde perioden een golf van nieuwe dramatische experimenten plaatsvond:
* Einde 19e en begin 20e eeuw: Naturalisme en realisme daagden traditionele dramatische conventies uit en maakten de weg vrij voor meer hedendaagse benaderingen.
* Midden 20e eeuw: De opkomst van het absurdistische theater (Beckett, Ionesco) en het Theater van het absurde markeerden een belangrijke verschuiving in dramatische expressie.
* Eind 20e en begin 21e eeuw: Postmodernisme, performancekunst en experimenteel theater verlegden de grenzen van wat een drama zou kunnen zijn.
Het is belangrijk om te onthouden dat ‘nieuw drama’ voortdurend evolueert. Nieuwe toneelschrijvers, regisseurs en acteurs blijven de grenzen van het genre verleggen en creëren innovatief werk dat onze perceptie van drama uitdaagt.